Om internationaal de R&D-investeringen te vergelijken, wordt er gekeken naar R&D-intensiteit. Oftewel: de R&D-uitgaven als percentage van het BBP (Bruto Binnenlands Product). Rekenen in percentages BBP is een manier om op een eerlijker manier grote en kleine landen met elkaar te vergelijken dan in absolute bedragen.
De onderstaande figuur geeft inzicht in de R&D-investeringen (intensiteit en groei) van publieke onderzoeksinstellingen. Op deze manier wordt duidelijk of de publieke onderzoeksinstellingen van een land relatief veel/weinig R&D-investeringen doen en of zij in de afgelopen jaren meer of minder in R&D zijn gaan investeren. In de afbeeldingen geven de stippellijnen het gemiddelde van de opgenomen landen weer. De blauwe bol representeert de huidige positie van een land, het grijze blokje de uitgangspositie. De lengte van de lijn geeft dan de sterkte van de groei.
Groei in R&D-uitgaven van publieke onderzoeksinstellingen en percentage R&D-uitgaven van publieke onderzoeksinstellingen van het Bruto Binnenlands Product (BBP) - referentielanden tegenover elkaar uitgezet
Bron: OESO. Bewerking Dialogic.

- OESO>Main Science and Technology Indicators. R&D-intensiteit = GOVERD as percentage of GDP (2010), Groei reële R&D-uitgaven = GOVERD as percentage of GDP (jaarlijkse groei 2010 t.o.v. gemiddelde 2003-2005 [=5 jaar]).
- Referentiejaar is 2010, behalve voor Australië en Zwitserland (2008) (jaarlijkse groei 2008 t.o.v. gemiddelde 2003-2005 [=3 jaar]), Verenigde Staten, China, Japan, en het OESO-gemiddelde (2009) (jaarlijkse groei 2009 t.o.v. gemiddelde 2003-2005 [=4 jaar]).
- De stippellijnen geven het gemiddelde van de opgenomen landen weer.
- GEM geeft het OESO-gemiddelde weer.
- De blauwe bol geeft de huidige positie weer, het grijze blokje de uitgangspositie. De lengte van de lijn geeft dan de omvang van de groei.

